Japanse sierkers

Japanse sierkers, behoort tot de grote Prunusfamilie. Komt van nature voor in de bergstreken van Japan en West-China.

Ook bekend als:
Sierkers

herkennen Prunus
Japanse sierkers, foto: Kropsoq - CC BY-SA 3.0
  • De Japanse sierkers is niet giftig; het blad is overigens niet eetbaar.

Japanse sierkers(Prunus serrulata), sierkers. Behoort tot de grote Prunusfamilie. Komt van nature voor in de bergstreken van Japan en West-China. Er zijn vele cultivars van de sierkers geschikt voor tuinen, parken en lanen. De cultivars worden vegetatief vermeerderd op o.a. onderstammen van de boskers (Prunus avium). Een bekende straatboom is Prunus serrulata ‘Kanzan’ en de bekende winterloeeiende is Prunus subhirtella ‘Autumnalis Rosea’.
De Japanse sierkers is bladverliezend, houdt van vruchtbare grond en een niet te droge standplaats.
Snoeien – voor zover dat nodig is – moet na de bloei in de zomer plaatsvinden. In de zomer gaat de sapstroom naar de bladeren.

Plaaginsect

herkennen bladluizen
Zwarte luizen op Japanse sierkers, foto: Eclos – Publiek Domein

Blad is bedekt met bladluizen, vervormt, krult en blijft achter in groei: zwarte luis (Myzus cerasi).

Herkennen iepenspintkever
Grote iepenspintkever, foto: U.Schmidt – CC BY-SA 2.0

Zwartbruine kevers vreten aan de jonge loten: jonge iepenspintkever (Scolytus scolytus).

Schimmels & ziektes

Blad vroegtijdig valt af, op afgestorven bast verschijnt bruin gom: bacteriekanker.

herkennen zwammen op sierkers
Zwammen op de stam van een Japanse sierkers: Boomgaardvuurzwam, foto: Tjitske Smits-Steenhuis

Roodbruine, kussenvormige zwammen ontstaan op de stam: boomgaardvuurzwam (Phellinus tuberculosus).

Overig

Na het snoeien ‘bloedt’ de boom: De sierkers behoort tot de bomen die net als de notenboom en de druif ‘bloeden’ als deze gesnoeid worden als de sapstroom niet stil staat. De beste snoeitijd is na de bloei.

herkennen gomziekte kersenboom
Overvloedig gom op jonge kersenboom, foto: Stijn Huijghe

Op diverse plekken op takken en stam lekt de boom vocht, dat indroogt tot bruine gom: gomziekte.