Appelboom

Appelboom behoort tot een geslacht van kleine loofbomen of struiken van de rozenfamilie.

Foto: TuinTekst

Appelboom (Malus domestica) behoort tot een geslacht van kleine loofbomen of struiken van de rozenfamilie. Malus omvat de appelboom en sierappels. De appel groeit in de gematigde klimaatzone. De boom bloeit in het algemeen van half april tot eind mei. Appelbloesem en de jonge vruchten zijn gevoelig voor nachtvorstschade.

Appels zijn plukrijp als je de appel aan de boom kunt knikken of draaien. Laten ze dan gemakkelijk los, dan zijn ze plukrijp.

Plaaginsect

Misvormd en verfrommeld blad: bladluis.

Stipvormige plekjes op het blad; mijten aan de onderkant: bonenspintmijt.

Vraat aan de uitlopende knoppen en jonge blaadjes: spanrupsjes (ook wel trekmaden genoemd) van de (kleine) wintervlinder.

Door rups van fruitmot aangetaste Elstar, foto: TuinTekst

Wormstekige vruchten vroeg in het voorjaar, rode vlek rond het boorgat: fruitmot.

Spinsel van stippelmotten in perenboom, foto: Marlijn Hoefnagel

Spinsels met oranje rupsen tussen de bladeren: larven van de duifmot, een stippelmot.

Schimmels & ziektes

Moniliarot, foto: TuinTekst

Bruinkleuring appels met schimmelsporen: moniliarot.

Appelschurft, foto: TuinTekst

Van lichtgroen naar bruin verkleurende vlekken op het blad, appels groeien niet, krijgen donkere vlekken met stervormige scheurtjes: appelschurft.

Schimmel op jong blad en bloesem: echte meeldauw.

Vruchtboomkanker, foto: Abrahami – CC BY-SA 3.0

Bast scheurt, tak verwelkt en er verschijnt rood schimmelpluis: vruchtboomkanker.

Rotte plekken op appels, neonectria, foto: Dominique Bauwens

Rotte plekken op appels; soms rond de steel en soms aan de neus: Neonectria.

Appel met bacterievuur, foto Paethon – CC BY-SA 3.0

Bloesem, blad, tak en twijg worden bruinzwart en verschrompelen verdikte plekken: bacterievuur.

Wit pluis van de appelbloedluis op appel, foto: Abrahami – CC By-SA 2.5

Wit plakkerig pluis, later gevolgd door gallen en houtige uitwassen: appelbloedluis.

Een bonte verzameling uitgegroeide takjes: heksenbezem. Alleen in Zuid-Nederland.

Overig

Wortelvelden op onderstam van een appelboom, foto: Angela Dijkgraaf

Op de onderstam ontstaan pleksgewijs beginnende wortelpuntjes. Een vochtige omgeving, langdurige regen en veel schaduw bevorderen het ontstaan van wortelvelden. Bomen met wortelvelden zijn vatbaarder voor bacterievuur en vruchtboomkanker omdat de wortelpuntjes evenzovele toegangspoorten vormen voor bacteriën en schimmelsporen. Bij droog en zonnig weer de plekken ruim uitsnijden en afdekken met wondbalsem.

Wespen op peer, foto: TuinTekst

Wespen tasten soms fruit aan.

Bruine, verdiepte vlekjes, foto: Rasbak – CC BY-SA 3.0

Verdiepte, bruine vlekken op de appel. Onder die plekken is de appel bruin en kurkachtig; de vlekjes smaken vaak bitter: kurkstip. Oorzaak is een calciumtekort.

Woelmuizen kunnen schade veroorzaken aan wortels van heesters en bomen
Woelmuis, foto: Susette Smeets

Jonge appelboompjes komen niet in blad; de wortels zijn weggevreten: woelmuizen.

Vlekken op appel, goudreinet, zonnberand
Bruine vlekken (zonnebrand) op goudreinet, foto: Roelfina Van de Weg

Tijdens heet zomerweer (temperaturen boven de 30ºC) verschijnen rode vlekken op de rijpende appels: zonnebrand.

Verwante onderwerpen