Perzik

Perzik, naam van zowel de boom als de vrucht. De perzik behoort met z’n stevige pit tot de steenvruchten (abrikoos, pruim, kers).

Foto: Lucien Monfils - CC BY-SA 3.0

Perzik(Prunus persica), naam van zowel de boom als de vrucht. De perzik behoort met z’n stevige pit tot de steenvruchten (abrikoos, pruim, kers). De oorsprong van de perzik ligt in China; via Perzië is de boom en de vrucht naar Europa gekomen. Perzikken worden geteeld in de landen rond de Middellandse Zee.
Nectarines zijn perzikken met een gladde schil; die van de perzik is wat viltig.
In België en Nederland worden perzikken aangeplant. Op een beschutte plaats op niet te kalkrijke leemgrond doen ze het goed. Omdat perzikken al in april bloeien is de kans op schade door nachtvorst groot. De bloei en latere vruchtzetting kan overvloedig zijn, waardoor het dunnen van de vruchtjes (slechts een paar perzikjes per tak) noodzakelijk is voor een goede oogst.
Een jaarlijkse bemesting houdt de boom gezond.
Snoeien tijdens de bloei. Een teveel aan nieuwe uitlopers in de zomer kunnen in juni weggenomen worden.
De perzik is erg gevoelig voor krulziekte.

Plaaginsect

Misvormd blad: bladluis, zwarte bonenluis (Aphis fabae).

Stipvormige plekjes op het blad, mijten aan de onderkant: bonenspintmijt.

Schimmels & ziektes

Krulziekte, foto: Giancario Dessi – CC BY-SA 3.0

In het voorjaar vervormt het pas uitgelopen blad, het kleurt rood, krult en wordt bedekt met een laagje schimmel. Uiteindelijk valt het blad af: krulziekte (Taphrina deformans).

Overig

Door krulziekte aangetaste bomen verzwakken, de boom verliest op diverse plekken sap dat tot bruin gom indroogt: gomziekte.

Vruchten blijven klein en worden niet rijp: na overvloedige bloei zijn er een teveel aan vruchten.