Perenboom

Perenboom, fruitboom voor moes- en siertuin.

Foto: CC0 Public Domain

Peer (Pyrus) wordt meestal op een langzaam groeiende onderstam geënt. Peren vind je vooral in landen op het noordelijk halfrond.
Er zijn handperen, sappig en zoet, en stoofperen, hard en droog. Stoofperen moeten eerst gekookt (gestoofd) worden om eetbaar te zijn.
Peren houden van een voedzame, licht vochtige grond. Op zandgronden heeft de perenboom in de zomer al snel extra water nodig. Perenbomen moeten ook niet te nat staan.
Peren zijn plukrijp als je de peer aan de boom kunt knikken of draaien. Laten ze dan gemakkelijk los, dan zijn ze plukrijp.
Eerste jaren hoeft een perenboom niet gesnoeid te worden. Peren groeien aan horizontale takken. Help de peer een handje door geschikte takken horizontaal te buigen. Perenbomen kunnen zoveel takken produceren dat er te weinig licht in de boom komt en de peren niet rijpen. Snoei regelmatig oude takken weg, zodat licht en lucht tot in het hart van de boom reiken.

Plaaginsect

Zwart verkleurde, aangetaste schors met daarachter gangen, kruin verdort, dunne twijgen krullen: perenringworm.

Gaatjes in vruchtbeginsels, vallen vroegtijdig af: perenzaagwesp.

Stipvormige plekjes op het blad, mijten aan de onderkant: bonenspintmijt.

Vraat aan de uitlopende knoppen en jonge blaadjes: spanrupsjes (ook wel trekmaden genoemd) van de kleine wintervlinder.

Wormstekige vruchten vroeg in het voorjaar; rode vlek rond het boorgat: fruitmot.

Schade door de perengalmijt, foto: © Queen’s Printer for Ontario, 2009

herkennen schade perengalmijt
Groene bobbels, ‘pokken’ op het jonge blad, foto: Rosalia Hoogstede

In het vroege voorjaar ontstaan groene bobbels (perenpokken) op het jonge blad. In de loop van het seizoen groeien de bobbels uit tot gallen op het blad, vruchtstelen en vruchtbeginsels. Deze verkleuren van groen via geel naar rood, uiteindelijk worden de gallen zwart: perengalmijt.

herkennen rupsen op perenboom
Spinsel van een duifmot in perenboom, foto: Dennis Schuitema

Spinsels met oranje rupsen tussen de bladeren: larven van de duifmot, een stippelmot.

Wit pluis van de appelbloedluis op appel, foto: Abrahami – CC By-SA 2.5

Wit plakkerig pluis, later gevolgd door gallen en houtige uitwassen: appelbloedluis.

Schimmels & ziektes

Perenroest, foto: Delacourt en Van Ingelgom

Perenroest, foto: Titico – Public Domain

Donkeroranje vlekken met bruine kern op het blad, deze verkleuren naar rood en groeien uit tot een oranje bult: perenroest (Gymnosporangium clavariiforme).

Moniliarot op peer, foto: TuinTekst

Bruinkleuring peren met schimmelsporen: moniliarot.

Kurkachtige vlekjes op de peren: perenschurft.

Vruchtboomkanker, foto: Abrahami – CC BY-SA 3.0

Bast scheurt, tak verwelkt en er verschijnt rood schimmelpluis: vruchtboomkanker (niet alle perenrassen).

Bacterievuur in peer, foto: Ninjatacoshell – CC BY-SA 3.0

Bloesem, blad, tak en twijg worden bruinzwart en verschrompelen, verdikte plekken: bacterievuur, ook wel perenvuur genoemd.

Rotte plekken op peren; soms rond de steel en soms aan de neus: Neonectria.

Overig

Wespen op peer, foto: TuinTekst

Wespen tasten soms fruit aan.

Nachtvorstschade, foto: Rasbak – CC BY-SA 3.0

Bruinzwart verkleurde delen van de bloesem: schade door nachtvorst.

Peer rot van binnenuit; de buitenkant ziet er gaaf uit, terwijl de binnenkant voos en waterig is: buikziekte.

Woelmuizen kunnen schade veroorzaken aan wortels van heesters en bomen
Woelmuis, foto: Susette Smeets

Jonge perenboompjes komen niet in blad; de wortels zijn weggevreten: woelmuizen.

Bijtgaten in peer, foto: Jolanda Hans Zyra

Gaten in de bijna rijpe peren: schade door vogels.

herkennen schade aan takken
Kaalgevreten takken van een jonge fruitboom, foto: Jess (Rural Dreams)

In de winter willen hazen, konijnen er reeën nog wel eens aan de takken en stam van de perenboom knagen.

Verticale scheuren in de bast van de stam: bastscheuren.

herkennen schade aan peer
Scheuren in beginnende peertjes, foto: Steven Henderickx

Scheuren – soms tot aan het klokhuis – begin mei in beginnende peertjes: vorstschade of het gevolg van een groeischeut door sterk wisselend weer. Groeien wel weer dicht, maar litteken blijft. Groeischeuten ontstaan vaak bij koud en nat weer, gevolgd door zomerwarmte, Conference is er gevoelig voor.

herkennen schade aan peer
Beschadigingen en verdroogde plekken door de wind: foto: Yves Coninckx

Bruine, verdroogde plekken, beschadigd blad: windschade aan het jonge blad.

Verwante onderwerpen